Publicaties

Zuid-Afrika en Taiwan kwamen al kijken naar stadskantoor

Projectleider Michel Weijers gaf de afgelopen jaren op de bouwplaats van het ‘C2C-stadskantoor’ de ene na de andere rondleiding aan internationale delegaties. Van filmploegen uit onder meer België, Zuid-Afrika en Taiwan tot een internationale handelsmissie van circa 160 bestuurders uit 40 verschillende landen. Deze maand ontvangt Weijers een delegatie Bretonse architecten en ontwikkelaars.

De Zuid-Afrikaanse programmamaker/presentator Bertus Louw bezocht Venlo twee keer. Hij maakte er een documentaire over. „Beide keren was ik diep onder de indruk. Het meest van het feit dat C2C mensen in staat stelt om een positieve invloed op onze omgeving te hebben in plaats van een negatieve of minder slechte. En dat je juist ook in een stedelijke omgeving een verschil kunt maken. Het stadskantoor is daar een prachtig voorbeeld van, maar zeker niet het enige. Een mooi ander voorbeeld is de renovatie van sporthal Egerbos. Je kunt nu eenmaal niet alles nieuw bouwen, dus ik vond het inspirerend om te zien dat je ook renovatieprojecten op C2C kunt baseren.”

In de periode tussen zijn eerste en tweede bezoek aan Venlo overleed Louws broer aan kanker. „Dat maakte het laatste bezoek voor mij persoonlijk heel bijzonder. Ik werd me er des te meer van bewust dat kanker en veel andere gezondheidsproblemen waar wij mee kampen voort komen uit disrespect voor onze omgeving. Zuid-Afrika heeft een enorme biodiversiteit. Ik hoop dan ook dat mijn documentaire er toe bijdraagt dat Zuid-Afrika iets leert van de Venlose C2C-voorbeelden.”

Professor Lin Shen-Fong uit Taiwan bezocht recentelijk een aantal C2C-projecten in Venlo, waaronder het stadskantoor, voor een reportage die begin komend jaar in Taiwan en China wordt uitgezonden. De productieploeg reist de hele wereld af om verslag te doen van projecten op het gebied van duurzaamheid. Shen-Fong: „Daardoor weten wij wat er op dit terrein te koop is. Het stadskantoor van Venlo is een landmark op een weg die wij ongetwijfeld allemaal moeten nemen. En dan te bedenken dat wij aanvankelijk beducht waren of de C2C-ontwikkelingen in Venlo voldoende materiaal zouden opleveren voor een documentaire van een uur... Maar na een paar dagen waren we van het tegendeel overtuigd. De mensen die we interviewden en de verhalen die we hoorden, waren allemaal inspirerend en veelbelovend. De manier waarop Venlo als provinciestad het C2C-beleid omarmt en dit stap voor stap uitvoert, getuigt van balans tussen idealisme en pragmatisme.”

Michel Weijers is intussen gewend aan de lovende reacties die Venlo van over de hele wereld krijgt. „De inwoners van Venlo daarentegen hebben nog amper in de gaten wat we hier hebben neergezet. Het cradle-to-cradle-jaar willen we dan ook vooral gebruiken om de burgers te betrekken bij cradle-to-cradle. In het C2C-jaar wil de gemeente een brug slaan naar de burgers. Komend jaar zullen de cradle-to-cradle-principes centraal staan in diverse uitingen en zoeken we samenwerking met evenementen, het bedrijfsleven en het onderwijs.”

Lees meer

Dé wederopbouw-architecten in Rotterdam

Eindelijk erkenning voor de broers Evert en Herman Kraaijvanger, de oprichters van Kraaijvanger Architects: in een artikel op de website van Vers Beton noemt historicus Paul Groenendijk de broers dé architecten van de wederopbouw van Rotterdam. Hij gaat in op de kwantitatieve en de kwalitatieve bijdrage van de broers aan de wederopbouw.

Tussen traditie en modernisme

Groenendijk schrijft dat Evert en Herman niet aan de minste projecten werkten, zoals de Amsterdamsche Bank-Incassobank, concertgebouw De Doelen en Peek & Cloppenburg. Ze worden gekenmerkt door hun traditionele, maar toch moderne stijl. ‘Qua stijl balanceerden de gebouwen vaak tussen traditie en modernisme.’

Dienstbaar aan de opdrachtgever

Groenendijk eindigt zijn artikel met hoe de broers aan hun hoeveelheid opdrachten kwamen. Enerzijds waren de Kraaijvangers goed in netwerken, daarnaast was vooral hun de dienstbaarheid aan de opdrachtgever waardoor ze veel werk verkregen. De opdrachtgever kreeg waar hij om vroeg: ‘Een gebouw van de broers voldeed aan functionele eisen, was op tijd klaar en bleef binnen het budget’.

Meer projecten van de broers Kraaijvanger kun je hier bekijken.

Lees meer

PWN bij de 10 beste Nederlandse kantoren

Het hoofdkantoor van drinkwaterbedrijf PWN prijkt op de lijst met de tien beste kantoorgebouwen van Nederland. NRC schrijft dat in het kantoor slim is ingespeeld op hoe de communicatie tussen afdelingen kan worden bevorderd. Namelijk door de bestaande kantoorvleugels met elkaar te verbinden door de toevoeging van een atrium. Daarnaast zijn in de kantoorvleugels zijn op strategische plekken verticale verbindingen gerealiseerd in de vorm van open communicatietrappen en vides.

Het hoofdkantoor van PWN was een van de inzendingen van Kraaijvanger Architects voor BNA Beste Gebouw van het Jaar. Hier lees je meer over dit project.

Lees meer

Evert en Herman Kraaijvanger | Architectonische Noblesse

In 2015 was het precies 75 jaar geleden dat Rotterdam is gebombardeerd. Al tijdens de Tweede Wereldoorlog begon de stad aan haar wederopbouw. Het verwoeste centrum kreeg een nieuw gezicht dankzij de inzet van verschillende architecten.

De broers Evert (1899-1978) en Herman (1903-1981) Kraaijvanger - de oprichters van ons bureau - speelden een belangrijke rol in de wederopbouw met de realisatie van meer dan dertig bouwwerken. Markante gebouwen als de Doelen, het Holbeinhuis, het Stationspostkantoor, Vroom & Dreesmann, Peek & Cloppenburg en Jungerhans markeren nog steeds het profiel het Rotterdamse centrum.

Kunst- en architectuurhistoricus Ida Jager was van meet af aan gefascineerd door de bouwende broers en hun wereld. Ze schreef daarom een boek over ze: 'Evert en Herman Kraaijvanger | Architectonische noblesse'. Het resultaat is een portret van het architectenduo, maar ook een sfeertekening van het naoorlogse Rotterdam.

Zelf zegt Ida erover: "Dit boek gaat, behalve over twee door de bouwkunst gegrepen broers, over hoe de wereld in één keer omver werd geblazen om vervolgens weer op te krabbelen. Die wereld heet Rotterdam. Exacter gesteld: Rotterdam na 14 mei 1940."

Bob Witman schreef voor de Volkskrant van 2 december een recensie: "De Kraaijvangers zijn als wederopbouwarchitecten minder bekend dan Hugh Maaskant (Groot Handelsgebouw) en Leen van der Vlugt (Van Nellefabriek). Maar niemand bouwde zoveel als de katholieke broers. In en om het centrum alleen al zetten ze dertig kloeke gebouwen neer, zoals de winkels van Vroom & Dreesman en Peek & Cloppenburg, de oude Incassobank, het Holbeinhuis, concertgebouw De Doelen en het voormalig Stationspostkantoor."

Bart van Hoek schreef tevens een recensie op zijn website architectuur.org: "'Herman en Evert Kraaijvanger - Architectonische noblesse' is een handzaam en informatief boek. Het boek is geïllustreerd met foto's van destijds, waaruit bijvoorbeeld mooi de sterk gewijzigde stedenbouwkundige context is te halen."

Het boek is te koop bij verschillende boekhandels en te bestellen bij nai010 uitgevers.

Lees meer

Jaarbeurszijde UtrechtCS place to be

"Sinds een half jaar is de Jaarbeurszijde van Utrecht CS een place to be". Dit schrijft Anka van Voorthuijsen in een artikel over de tribunetrap in ArchitectuurNL 7/14. Volgens haar was de entree/uitgang aan de Jaarbeurszijde lang een locatie om zo snel mogelijk te passeren. Een ware non-plek. Maar sinds een half jaar is Stationsplen West totaal getransformeerd. "Mensen spreken er af."

De grote trappen - waaronder zich een grote fietsenstalling bevindt - worden gebruikt als lunchplek of als plek om even te zitten en te kijken naar wat zich aan de voet van de tribune afspeelt. Dirk Jan Postel vertelt Van Voorthuijsen dat Kraaijvanger hoopte dat er een goede openbare ruimte zou ontstaan, maar dat het zo goed werkt is echt een enorm cadeau. 

Lees het hele artikel 'Trappen als place to be' hieronder:

Lees meer

Manifest: Tegen Abstractie

Voor Architectuur NL heeft Dirk Jan Postel een manifest tegen abstractie geschreven. De gevolgen van abstractie zijn immers altijd reëel. "Een vergaande toename van abstractie in onze dagelijkse handelingen is emblematisch voor onze tijd. Abstract in de zin van weggetrokken bij de werkelijkheid."

Centraal staat de vraag: hoe versterken we de ervaring van de werkelijkheid? De oplossing ligt in een zorgvuldig herstel van de banden met de werkelijkheid. Om te beginnen bij de architectuur. Wij streven dan ook naar gebouwen die direct worden ervaren, zonder tussenkomst van symboliek, (bij-)bedoelingen of kennis van het ontwerp.

Om hiertoe te komen geloven wij in een compact bouwteam waarbij direct contact met de onderaannemers noodzakelijk is om binnen het complexe bouwproces controle te houden. Controle houden tijdens het ontwerpproces vraagt om een kritische benadering van digitale tekeningen. Digitale tekenprogramma’s introduceren abstracties en dwingen tot vroegtijdige precisie. Het digitale ontwerpen tot verlies aan overzicht.

Alleen dicht op de werkelijkheid ontstaat innovatie. Het is een dankbaar proces. De eerste stap is het weigeren van de status quo, de onvermijdelijk lijkende gewoonten. Innovatie is de beste manier om met je neus op de feiten te worden gedrukt.

Lees het hele artikel hieronder:

 

Lees meer

Het Nieuwe Werken 2.0

Het Nieuwe Werken is dé trend in werkplekontwikkeling. Daniela Schelle zegt hierover in het tijdschrift Facilitair!: bedrijven en organisaties die willen aansluiten op de nieuwe economie zullen hier wel in mee moeten gaan. Als ze jonge mensen willen binnen halen en vasthouden zullen ze een andere werkstijl moeten ontwikkelen.

Dat bedrijven en organisaties zich dit realiseren bewijst het feit dat ze steeds meer vrijheid krijgt in haar ontwerpen: zZe nemen afscheid van het idee dat de ordening van werkplekken de organisatiestructuur moet weerspiegelen.

De werkplekconcepten waar Schelle voornamelijk aan werkt zijn gericht op samenwerken. En dat is meer dan acht uur naast elkaar zitten. Het gaat om efficiëntie, om informatie zo snel mogelijk van A naar B te brengen. Dat gaat het best als mensen in teams samenwerken en goed communiceren.

Daarnaast zet ze hoog in op de flexibiliteit van medewerkers: mensen die bijvoorbeeld langdurig aan een project werken, gaan zich weer territoriaal gedragen. Daar moet je dan misschien geen vergaderruimte voor creëren, maar een ruimte met een statafel. Dan bevorder je dat het overleg maar kort duurt. Een scrumplek, zoals dat nu wordt genoemd.

Download de pdf hieronder of lees het volledige artikel online.

 

Lees meer

Kraaijvanger ontwerpt 'lichtpuntje'

Weinig zo lelijk als het stationsgebied in Utrecht. Maar nu is er een lichtpuntje: de nieuwe fietsenstalling met een vernuftige oplossing voor een aloud architecturaal probleem. Dit schrijft Bob Witman in de Volkskrant van 14 juni j.l.

Volgens hem heeft elke stad wel een architectonische wond die slecht heelt. "Die van Rotterdam dateert van mei 1940: een Duits bombardement. Die van Amsterdam stamt uit 1889, toen het Centraal Station de stad afsloot van het IJ. In Utrecht heb je winkelcentrum Hoog Catharijne, een zeldzame vorm van stedelijke automutilatie rondom het Centraal Station die elke relatie met de oude stad blokkeert. Maar sinds deze week is er een lichtpuntje.

Dit lichtpuntje is de fietsenstalling onder Stationsplein West. Witman schrift fdat niet het formaat het belangrijkste wapenfeit is van deze stalling - het is nu even de grootste ter wereld - maar de gevel. Het goede daarvan: het is geen gesloten wand, maar een trap. De 75 meter lange gevel is een trap met twee bordessen, die slingert op de overgang van het hoog gelegen Stationsplein naar het Jaarbeursplein op maaiveldniveau.

Het hele artikel staat op pagina 24 en 25 van de bijlage van de Volkskrant 'Sir Edmund'. 

Lees meer

Volkskrantgebouw in de Volkskrant

"Het gebouw geld als een late icoon van het Nieuwe Bouwen: strak, modern, transparant. Of, zoals Herman Kraaijvanger destijds zei: open en eerlijk als de Volkskrant zelf." Dit schreef Karolien Knols in de Volkskrant van vrijdag 28 februari over het Volkskrantgebouw naar aanleiding van het overlijden van Chris Knol.

Het Volkskrantgebouw aan de Wibautstaat ontwierp Chris Knol samen met Herman en Evert Kraaijvanger, de oprichters van het bureau. "Geen krant in Nederland met zulke prachtige vooruitzichten als de Volkskrant", schreef De Groene Amsterdammer bij de oplevering in 1965. "En achteruitzichten. En zij-uitzichten."

Knols schrijft: "Het uiterlijk verwees op alle mogelijke manieren naar de krant: net als de voorpagina was het gebouwd op zeven kolommen. Met bovenaan een meer dan manshoge kop: het logo van de Volkskrant."

"De gevel was uitgerust met anderhalf miljoen tegeltjes, evenveel als de letters in de krant, in een kleur witter dan het witse krantenpapier. Aan die tegels dankte het gebouw een van zijn bijnamen: Het Witte Huis."

Lees meer

Kantoorgebouw als danspaar

"Een kantoortoren van 21 verdiepingen die deels boven een bestaand gebouw zweeft. Dat is een uitdaging die qua gewicht vraagt om staalbouw. En qua windlasten om een ingenieuze constructie voor de afdracht van horizontale krachten."

Maartje Henket schreef in de Cobouw van 5 december een artikel over Stadskantoor Utrecht. Een mooi Sinterklaascadeau. Ze legt helder en bondig uit hoe Kraaijvanger de wens om de lucht boven het station te benutten heeft beantwoord:

Ïn nauwe samenwerking met constructeurs Jan van der Windt en Harm Hoorn van Zonneveld ingenieurs smeedde Postel een plan dat bestaat uit twee torens als een danspaar. De noordelijke, mannelijke helft staat stevig op het maaiveld, verankerd aan twee betonnen stabiliteitskernen die met elkaar zijn verbonden door een K-spant."

"De zuidelijke, vrouwlijke helft danst licht op vijf kolommen. Haar stabiliteit ontleent zij aan een diagrid in de gevel, dat horizontale krachten terugvoert naar het noordelijke bouwdeel."

Lees het hele artikel hieronder:

 

Lees meer

C2C-Mekkaaan de Maas wil burgers overtuigen.

Precies tien jaar geleden landden de überduurzaamheidsprincipes van cradle-to-cradle (C2C) in Venlo. Vier jaar eerder verscheen het boek Cradle to Cradle:Remaking the Way We Make Things van de Duitse chemicus Michael Braungart en de Amerikaanse architect William McDonough. Braungart (1958) was al jaren eerder bezig met de ontwikkeling van het C2C-gedachtegoed. In een documentaire van de Belgische tv-zender Canvas vertelt hij 1986 te beschouwen als het geboortejaar van cradle-to-cradle. Braungart was toen nog Greenpeace-activist. Een protestactie tegen een Zwitsers chemieconcern leidde toen tot het gemeenschappelijke inzicht dat innovatie kan resulteren in nieuwe, onschadelijke producten en diensten.

Nieuwe industriële revolutie

Nu, dertig jaar later, stelt Braungart in een telefonisch interview met tevredenheid vast dat de laatste jaren die nieuwe industriële revolutie op gang begint te komen. De Duitser helpt vanuit Hamburg bedrijven hun producten zo te ontwerpen dat ze van het begin tot het einde veilig en opnieuw bruikbaar zijn en toch winst opleveren. Zo bouwt hij aan een wereld zonder afval waarin het oude principe ‘van wieg tot graf’ verandert in ‘van wieg tot wieg’, ofwel cradle-to-cradle. Doel van cradle-to-cradle is: gezonde en duurzame producten en gebouwen.

Venlo was de eerste stad ter wereld die de C2C-principes op regionaal niveau omarmde. Samen met het C2C Expolab, onderwijs en bedrijfsleven bouwt Venlo aan deze koploperspositie. In Braungarts ogen is Venlo nu de onbetwiste C2C-hotspot van Europa. Waarom Venlo of all places? „Een combinatie van factoren. Om te beginnen: de identiteit van Limburg. Door de centrale ligging in Europa is Limburg open minded, staat open voor nieuwe ontwikkelingen. Daar komt bij dat Nederland en ook Limburg altijd heeft moeten knokken tegen overstromingsgevaar. De natuur is hier niet geromantiseerd zoals in Duitsland. In Nederland ziet men de natuur niet zozeer als moeder, maar als een partner waar je mee moet leven en waar je van kunt leren.”

In Venlo kwamen daar volgens Braungart nog enkele individuele factoren bij, zoals de instelling van het gemeentebestuur en die van enkele sleutel­figuren bij de Kamer van Koophandel. Bovendien zocht de stad naar mogelijkheden om jonge, innovatieve mensen naar de regio toe te halen of juist hier te houden. Daarnaast had de Regio Venlo de Floriade van 2012 als stip aan de horizon. Braungart: „Al met al was hier sprake van een ideale voedingsbodem voor cradle-to-cradle.”

Intussen zijn in Venlo aardig wat activiteiten van de grond gekomen die het predicaat cradle-to-cradle mogen dragen, daar dicht bij in de buurt komen of bijdragen aan de ontwikkeling van het C2C-klimaat. Zo is er het al genoemde C2C ExpoLAB, een internationaal kenniscentrum voor C2C-ontwerp en -toepassingen. Een ander voorbeeld is basisschool De Zuidstroom die is gebaseerd op de C2C-filosofie. Nog een voorbeeld: sportcomplex Egerbos in Blerick dat voorziet in zijn eigen energie en gemaakt is van C2C-bouwmaterialen.

Het meest recente, grootste en opvallendste project is de nieuwbouw van het prominent aan de Maas gelegen stadskantoor. Dat gebouw wekt zijn eigen energie op, zuivert lucht en afvalwater en heeft een aangenaam binnenklimaat. Als het gebouw aan vervanging toe is, kan 80 procent van het materiaal hergebruikt worden: nauwelijks sloopafval.

Het markante stadskantoor is ontworpen door Hans Goverde van het Rotterdamse architectenbureau Kraaijvanger. Voordat Goverde en ‘concollega’s’ het tekenpotlood tevoorschijn konden halen, kregen zij een C2C-workshop. De architecten kregen van Braungart te horen dat hun materiaalkennis up to date moet zijn voordat zij een gebouw kunnen ontwerpen dat op cradle-to-cradle is gebaseerd. Dat hergebruik stimuleren begint met de kennis over de inhoud van het product of gebouw. Wat zit er in en wat kunnen we er later mee?

Braungart: „Dat betekent een soort paspoort van het gebouw waarin je alle informatie over de toegepaste materialen vastlegt. Als je bedenkt dat in conventioneel beton circa driehonderd additieven zitten, waarvan er tweehonderd slecht voor de gezondheid zijn, dan moet je op zoek naar een gezondere betonsoort, anders kun je het beton niet verantwoord hergebruiken. Dat vooraf bedenken wat je decennia later kunt met het materiaal waarvoor je nu kiest, vergt een andere manier van denken dan ontwerpers gewend zijn.”

De architect die Venlo inhuurde om het stadskantoor te tekenen, is daar bijzonder goed in geslaagd, vindt Braungart. „Het gebouw is in feite een grondstoffenbank, het zuivert lucht en afvalwater, het wekt energie op en het sluit waterkringlopen. En de ambtenaren zullen ervaren dat het er ook heel prettig werken is. Ik ga er van uit dat het ziekteverzuim er nu stukken lager uitvalt. Niet voor niets geldt het kantoor als een schoolvoorbeeld van cradle-to-cradle. En ook niet onbelangrijk: het iconisch gebouw is op die strategische plek in de stad ook een fantastische blikvanger. Ik ben heel trots dat ik aan de wieg ervan heb gestaan.”

Koppositie

Venlo kreeg eind 2013 in New York de C2C koplopers award; toch maakt Venlo zijn C2C-ambitie wat Braungart betreft niet helemaal waar. Venlo moet er volgens hem harder aan trekken om zijn koppositie te behouden. Een kwestie van een remmende voorsprong? „Nee, ik heb de indruk dat Venlo zijn potentieel nog niet volledig gebruikt. De regio heeft bijvoorbeeld de kansen van de Floriade als platform voor cradle-to-cradle niet volledig benut. En het Europese kantoor van het Cradle to Cradle Products Innovation Institute is verkast naar Amsterdam. Heel jammer.” Dat vindt ook Michel Weijers, managing director van het C2C ExpoLAB en projectleider van de bouw van het stadskantoor: „Het was zeker mooier als er nog steeds Venlo in plaats van Amsterdam op het briefpapier zou staan, maar twee van de drie medewerkers wonen ver buiten onze regio. Vooral daarom hebben zij de huur in de Innovatoren opgezegd. Dat staat los van het C2C-klimaat.”Hoe het ook zij, volgens Braungart is het nog niet te laat voor Venlo om zijn internationale positie als cradle-to-cradle-hoofdstad verder uit te bouwen. „Maar dan moet Venlo wel nú de handen ineen slaan met de grensregio. Steden als Krefeld en Mönchengladbach willen met Venlo samenwerken. Ik zou willen zeggen: grijp je kans.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Lees meer

De Hub voor asielzoekers

De groeiende toestroom asielzoekers is op het moment het belangrijkste politieke vraagstuk. Inmiddels ligt het ook als ontwerpopgave op de tafel. In ArchitectuurNL staat een uitgebreid artikel over het probleem rondom de huisvesting van asielzoekers, waarin ook de Hub van Kraaijvanger Architects naar voren komt als een voorbeeld van mogelijke oplossingen.

Een van de prangede kwesties wat betreft de huisvesting van asielzoekers is het tekort aan betaalbare woonruimte in Nederland. Dit is volgens BNA-voorzitter Nathalie de Vries een politiek probleem. Nederland kampt echter tevens met een overschot aan lege kantoren. De Hub biedt hier een oplossing voor. De Hub is een unit waarin alle comfortdragers voor een woning zijn ondergebracht. Deze unit is gemakkelijk te plaatsen in lege kantoren en voorziet in luchtventilatie, warm water en verwarming voorziet. Dit brengt de gebouw gebonden investeringen tot een minimum.

Daarnaast wordt in het artikel veel gesproken over hoe je als ontwerper een thuis kunt creëren voor asielzoekers. Het is namelijk niet alleen belangrijk dat deze mensen een dak boven hun hoofd krijgen. Ook moet er gekeken worden naar de omgeving waar asielzoekers in terecht komen.

Lees meer

Krachtig gebaar en sterk verband

"Ontworpen als één expressief gebaar en feitelijk niet meer dan twee 90 m hoge torens verbonden door stalen vakwerken. Toch kent het nieuwe stadskantoor van Utrecht een bijzondere hoofddraagconstructie door de grote overspanningen, de vele vides en de beeldbepalende geveldiagonalen die samenwerken met de kernen."

In het vakblad 'Bouwen met staal' staat een uitgebreid artikel over de constructie van stadskantoor Utrecht. Aan het woord is Harm Hoorn, raadgevend ingenieur bij Zonneveld Ingenieurs uit Rotterdam. Vooral de diagonalen in de gevel roepen de vraag op of ze een constructieve functie hebben. Harm Hoorn reageert hierop in het artikel:

"De diagonalen werken samen met de kernen. De kenen worden door de diagonalen als het ware afgetuigd, gelijk de mast van een zeilschip. Daarnaast zijn de diagonalen ook essentieel voor de afdracht van de verticale belasting. De overhangende gevels en de grote gevelopeningen verhinderen dat de belasting direct naar de fundering kan worden afgevoerd. De diagonalen verzorgen de load transfer".

Nieuwsgierig naar het complete artikel? Lees het hieronder:

Lees meer

Meest productieve architecten

Dankzij de oplevering van het nieuwe stadskantoor van Utrecht met 66.000 m2 staan we op de tweede plek in de Top 25 meest productieve architecten 2014 van Property NL. Kees van der Hoeven schrijft over het stadskantoor: de eerste reacties van gebruikers en publiek zijn lovend. De lijst omvat ongeveer evenveel commerciële kantoor- en winkelruimte als vorig jaar, namelijk ongeveer 600.000 m2.

Dit jaar levert Kraaijvanger onder andere stadhuis Almelo (ca. 17.500m2), de renovatie van het hoofdkantoor van PWN in Velserbroek (ca. 7000 m2) en de renovatie van stadskantoor Leidschendam-Voorburg (3.000 m2) op. Grote kans dat we volgend jaar opnieuw in de Top 25 meest productieve architecten 2015 van Property NL voorkomen

Lees meer

Werkomgeving die verbindt en beschut

Een lege plek in de stad opnieuw waarde geven. Dat is Kraaijvangers streven met de bouw van het nieuwe stadhuis van Almelo. Het vakblad 'Stedenbouw' publiceerde een uitgebreid artikel over het ontwerp. Het stadhuis staat aan een waterboulevard en is omringd door groen. De transparante plint begeleidt de route van de binnenstad naar het station.

Gemeente Almelo wil voor haar werknemers een werkomgeving met meer verbondendheid en tegelijkertijd meer beschutting en intimiteit. Kraaijvanger heeft dit uitgewerkt tot flexibel indeelbare kantoorvloeren verdeeld over twee torens die 'split-level' zijn geschakeld.

In het nieuwe stadhuis zijn verschillende duurzame technieken geïntegreerd. De ambitie van de gemeente was een BREEAM Excellent-gebouw en dat is door effectief omgaan met materiaal, energie en ruimtelijke organisatie gerealiseerd.

Naar verwachting wordt stadhuis Almelo begin 2015 opgeleverd.

Lees hieronder het volledige artikel:
 

 

Lees meer

Kranenburgh erg in trek

Kranenburgh in Bergen verwacht dat er in 2014 70.000 a 80.000 bezoekers een kaartje kopen voor het museum. Dat is veel meer dan de 30.000 waar in de eerste instantie vanuit werd gegaan toen het businessplan werd gemaakt. Dit schrijft Sophie Kuitems in de Alkmaarser Courant van 22 juli 2014.

Directeur Kees Wieringa zegt hierover: "Daarmee worden we in één klap een van de grootste cultuur instellingen in de regio." Hij besluit het interview: "We hopen in de komende jaren te kunnen groeien naar 100.000 bezoekers per jaar."

Lees meer

Op de boerderij

Het aantal agrarische bedrijven in Nederland neemt al jaren af. Nu staan er al zo'n 10.000 historische boerderijen leeg. Soms worden ze gesloopt, maar vaker herbestemd. De zorgboerderij is een populaire oplossing, maar er zijn ook andere mogelijkheden. Zo heeft Kraaijvanger een monumentale boerderij herbestemd tot het Early Childhood Center van de American School in Den Haag. In ArchitectuurNL verscheen een interessant artikel over deze opgave: Op de boerderij.

Lees hieronder het hele artikel:

Lees meer

Future offices

Hoe ziet het kantoor van de toekomst eruit? Kraaijvanger blikt in het magazine 'future offices' vooruit met boeiende interviews, state of the art projecten en fragmenten uit het leven van (toekomstige) gebruikers.

Volgens Vincent van der Meulen zijn gebouwen - en dus ook kantoren - een momentopname van de zich ontwikkelende tijdsgeest. “Goede architectuur neemt ons wereldbeeld, onze sociale waarden en maatschappelijke belangen en kristalliseert die uit tot een fysiek, permanent gebouw.”  In 2050 zijn er waarschijnlijk negen miljard mensen, zijn we gemiddeld negen jaar ouder, woont 70% van de mensen in de tad en hebben we wereldwijd 70% meer voedsel nodig. In een interview legt Van der Meulen uit hoe in zijn ogen kantoren hierop in kunnen spelen.

Mensen plezierig en effectief laten werken. Dat is wat Daniela Schelle met haar ontwerpen wil bereiken. “Dit houdt in dat werknemers kunnen kiezen en worden gefaciliteerd bij hun werkzaamheden.” Momenteel is het volgens haar tijd voor werkconcepten waarbij de focus komt te liggen bij het ondersteunen van samenwerkingsvormen in plaats van de individu. “Samenwerken is meer dan acht uur naast elkaar zitten.”

Nieuwsgierig geworden? Lees hieronder het volledige tijdschrift.

 

Lees meer

Museum Kranenburg in NRC

"Een klein Kröller-Müller is het vandaag in Bergen heropende Museum Kranenburgh al genoemd. En dat is niet overdreven. De zalen openen zich naar de tuin. De uitbreiding van deze 'culturele buitenplaats' door architect Dirk Jan Postel is spectaculair in zijn eenvoud."

Dit schrijft Bernard Hulsman in de NRC van zaterdag 10 november 2013 in een lovende recensie 'In alles een anti-icoon'. Hij vergelijkt het museum met het Stedelijk Museum in Amsterdam en De Fundatie in Zwolle:

"Vooral bij musea is de verleiding voor architecten en opdrachtgevers groot om er iconen van te maken. Maar Dirk Jan Postel van architectenbureau kraaijvanger [...] heeft de uitbreiding van de [...] culturele buitenplaats Kranenburgh in het kunstenaarsdorp Bergen (N-H) geen badkuip (Stedelijk Museum, Amsterdam, 2012) of zee-egel op een dak (De Fundatie, Zwolle, 2013) gemaakt. Postels uitbreiding van een villa die sinds de jaren negentig fungeert als Museum Kranenburgh, is ingetogen, onopvallend bijna."

"Binnen heeft de nieuwbouw veel wanden gekregen. Dit is iets waar tentoonstellingsmakers blij mee zijn, maar dat vreemd genoeg door architecten en opdrachtgevers in hun drang om een icoon te bouwen nog wel eens wordt vergeten. Zo zijn de holle binnenwanden van de zee-egel op het dak van De Fundatie in Zwolle onpraktisch in het gebruik."

Lees meer

Kraaijvanger op Transformatieplein Provada

Afbeelding

Van 30 mei t/m 1 juni is de Provada in de Rai in Amsterdam. Vast onderdeel van de grootste vastgoedbeurs van Nederland is het Transformatieplein, georganiseerd door Vastgoedmarkt, De Architect en Cobouw. Dit jaar staat in het teken van gebiedsontwikkeling, hoe worden lastige plekken in de stad weer levendig en toekomstproof?

Lees meer

Stadskantoor en Voorlinden winnen Plan Award

Afbeelding

Gisteren mocht Dirk Jan Postel in Venetië twee Awards van het Italiaanse Architectuurplatform en -tijdschrift The Plan in ontvangst nemen. Zijn ontwerp van Museum Voorlinden werd bekroond als beste gebouw in de categorie Culture en het door Hans Goverde ontworpen Stadskantoor Venlo won in de categorie Office&Business. 

Lees meer